Niet Van der Sar, maar Hato is het grote voorbeeld van Room

Niet Van der Sar, maar Hato is het grote voorbeeld van Room
http://seo-site.nl/facebook-likes-kopen

Het was de eerste tatoeage die hij liet zetten: pantera negra. Een eerbetoon aan Ergilio Hato, de beste doelman van de Nederlandse Antillen in de jaren 50.

De biografie van Hato lag wekenlang onder het kussen van Eloy Room op zijn jongenskamer in Nijmegen. Niet Oliver Kahn, Cláudio Taffarel of Edwin van der Sar was voor de kleine Room de beste keeper aller tijden. Nee, Hato. In prachtige zwart-wit foto’s.

Zeven jaar geduld

De tatoeage op zijn linkerarm kwam er toen hij 17 jaar oud was. Room gold in die dagen als groot talent onder de lat: atletisch, katachtig. Maar zijn geduld werd danig op de proef gesteld: zeven jaar voor hij onbetwist de eerste keeper werd in Arnhem.

En toen koos Room voor PSV, voor de bank welteverstaan. Hij zou de opvolger worden van Jeroen Zoet. Maar Zoet vertrok niet. “Het was een gok”, blikt Room terug, “maar ik heb er geen moment spijt van gehad. Als ik de kans krijg, grijp ik hem.”

In de kampioenswedstrijd tegen Ajax maakte jij een minuut voor tijd je debuut bij PSV. Voelt de landstitel van PSV ook als jouw landstitel?

“Natuurlijk. Ik ben onderdeel van het team. Het was mijn taak om iedereen scherp te houden. Dat zeg ik niet zomaar. Ik voel dat echt heel sterk zo.”

Heb jij je nooit gefrustreerd gevoeld?

“Dat valt mee. Phillip Cocu is altijd heel open en duidelijk geweest naar mij. Er zijn ook geen afspraken gemaakt over het bekertoernooi of zo. Vorig jaar vloog PSV er al snel uit, dus daarom wilde Cocu dit jaar per se met zijn basiself spelen. Hij weet ook, als ik de kans krijg grijp ik hem.”

Wat betekent het woord geduld voor jou?

“Geduld? Sommige dingen gebeuren, daar moet je niet te lang bij stil blijven staan. Natuurlijk heb ik het er wel eens over met familie en vrienden of mijn zaakwaarnemer. Maar uiteindelijk moet je gewoon hard blijven werken en positief blijven.”

Bij Vitesse was je een kind van de club. Je beleefde hoogtepunten, zoals het winnen van de play-offs en de Europese wedstrijden tegen Southampton. En een jaar geleden won je de KNVB-beker met Vitesse. Waarom ben je weggegaan?

“Voor de bekerfinale was ik aan het onderhandelen over contractverlenging met Vitesse, maar door die finale en de festiviteiten is dat op een laag pitje gekomen. Daarna vertrok ik met Curaçao naar de Gold Cup in de Verenigde Staten. Toegegeven, toen had ik ook niet veel haast om weer aan tafel te gaan zitten.”

“Ik stond open voor verlenging en kwam zelfs eerder terug van vakantie om de seizoensvoorbereiding mee te maken. Maar toen ik terugkwam, had Vitesse Remko Pasveer al gehaald. En die kreeg de voorkeur van de trainer.”

Rond de Johan Cruijff Schaal meldde jij je zelfs ziek. Dat klinkt niet als iets voor jou?

“Natuurlijk was het een teleurstelling, maar ik voelde me toen ook echt niet zo lekker. Ik vond het heel vervelend dat het zo overkwam. Alsof het werkweigering was, maar dat zou ik echt nooit doen.”

En toen kwam PSV?

“Ik wist natuurlijk dat Zoet er was, maar ook dat de kans groot was dat die zou vertrekken. Het was een gok, maar ik heb er geen moment spijt van gehad.”

Die keuze heeft niet goed uitgepakt voor Vitesse, dat deze zomer misschien wel weer op zoek moet naar een betrouwbare doelman.

“Natuurlijk volg ik Vitesse nog en ik gun ze ook alles. Maar die keeperssituatie is wel een beetje dubbel. Vitesse heeft zelf die keuze gemaakt.”

Eigen schuld, dikke bult?

“Ja, een beetje wel.”

En dat terwijl jij bijna het hele seizoen op de bank zat bij PSV en Piet Velthuizen al maanden zonder contract meetraint met Jong Vitesse.

“Dat is wel apart, ja. Piet en ik zijn geen vrienden, maar we hebben wel altijd goed samen gewerkt. We komen allebei uit Nijmegen en kennen elkaar al van jongs af aan. Vroeger werden we samen opgehaald om te trainen bij Vitesse. Hij is twee jaar ouder dan ik en het was moeilijk om hem uit de basis te spelen. Toen Velthuizen vertrok naar Hércules Alicante was ik een jaar lang eerste doelman, maar daarna kreeg hij toch weer de voorkeur.”

Jouw naam werd ook vaak genoemd in verband met het Nederlands elftal. Was jouw geduld op een gegeven moment op?

“Natuurlijk droomde ik ook van het Nederlands elftal. Mijn trainer Peter Bosz liet me op een gegeven moment ook weten dat Guus Hiddink en zijn staf mij volgden. Maar die kozen uiteindelijk voor Zoet, Michel Vorm en Jasper Cillessen.”

“Patrick Kluivert, destijds nog bondscoach van Curaçao, benaderde mij een paar keer. Ik heb nog bedankt voor een wedstrijd tegen Montserrat, maar uiteindelijk hapte ik toe. Ik kan wel blijven wachten, maar je moet ook realistisch zijn. En tot nu is het een groot, fantastisch avontuur.”

Wat betekent Curaçao voor jou?

“Mijn vader komt van Curaçao, mijn moeder is een Nederlandse. Er woont nog heel veel familie van mij op het eiland. Ik heb inmiddels ook de brug van Willemstad op mijn arm. Als we op Curaçao landen met de ploeg, dan valt alles van me af. Het is cliché, maar dat voelt echt als thuiskomen.”

Jouw grote voorbeeld Ergilio Hato speelde met de Nederlandse Antillen op de Olympische Spelen van 1952. Jij won met Curaçao de Caribbean Cup, speelde in de Gold Cup en volgend jaar doe je mee aan de Copa América. Waar droom jij van?

“Van het WK in 2022. Waarom niet? Mensen spreken mij weleens aan op mijn keuze voor Curaçao, maar ik denk dat we niet veel minder kans maken op deelname aan het WK in Qatar dan Nederland.”

“Bij de Gold Cup verloren we alle wedstrijden met 2-1, maar bijvoorbeeld tegen Mexico kregen we heel veel kansen. En we worden alleen maar sterker in de komende jaren. Brandley Kuwas, bijvoorbeeld, zou er zonder blessure al bij hebben gezeten tegen Bolivia. De weg is nog lang, maar zeker niet onrealistisch.”

Zien wij jou straks als PSV-doelman bij het WK in Qatar?

“Daar ga ik wel vanuit. Ik ben niet naar PSV gekomen om op de bank te zitten.”

Reacties zijn gesloten

Social Media Auto Publish Powered By : XYZScripts.com