Klinkt na 26 jaar opnieuw de olympische hymne voor Russisch ijshockeygoud?

Klinkt na 26 jaar opnieuw de olympische hymne voor Russisch ijshockeygoud?
http://seo-site.nl/facebook-likes-kopen

Met de kwartfinales gaat het olympisch ijshockeytoernooi vannacht de beslissende fase in. Na de groepsfase is duidelijk dat er een uitgesproken favoriet is voor de titel: Rusland. Of beter, de Olympische Atleten uit Rusland zoals ze formeel door het Internationaal Olympisch Comité betiteld moeten worden.

Vanwege het dopingschandaal spelen de Russische ijshockeyers in neutraal rood. Zelfs de Russische televisie houdt zich aan het voorschrift en spreken vooral over “onze ploeg”.

Maar laat er geen misverstand over bestaan: bij een gouden ijshockeymedaille gaan deze voor de Russen gemankeerde Winterspelen de boeken in als het grootste olympische succes ooit.

Dat is niet overdreven. Samen met voetbal is ijshockey sinds jaar en dag de populairste sport in Rusland. En met vier wereldtitels behoren de Russen zonder twijfel tot het selecte clubje ijshockeygrootmachten.

Maar weet u ook hoe vaak Rusland olympisch kampioen werd? Het antwoord: nog nooit.

Dat klinkt vreemd voor het land dat het palmares van de Sovjet-Unie formeel overnam. Een erelijst die uitpuilt met olympische en wereldtitels.

Sinds Rusland in 1992 onafhankelijk werd, is olympisch goud altijd buiten bereik gebleven. Het werd een obsessie. Een obsessie die vier jaar geleden in eigen land omsloeg in een diep trauma.

Maar wacht eens even. Hoe zit dat dan met de Olympische Spelen van Albertville? Daar waren de Russen toch de beste?

De laatste ijshockeywedstrijd van de Sovjet-Unie

We gaan terug naar 31 december 1991. Diep in Beieren is een Rode Machine bezig met een ouderwets staaltje sloopwerk.

In Füssen, een stadje van 15.000 inwoners aan de Oostenrijkse grens, is op dat moment het WK ijshockey onder 20 jaar bezig. En op oudjaarsdag is gastland Duitsland de speelbal van de leeftijdsgenoten uit de Sovjet-Unie: 7-0.

Het is het laatste officiële optreden van een sportploeg namens de Sovjet-Unie.

De volgende dag, op Nieuwjaarsdag, treedt dezelfde ploeg aan tegen Tsjechoslowakije. Maar niet meer als Sovjet-Unie, maar als het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS). Prompt verliest de jeugdige Rode Machine met 5-2.

Het blijkt de enige nederlaag die het team lijdt en op 4 januari wordt het GOS gekroond tot wereldkampioen.

Twee maanden later reist een ploeg die grotendeels gebaseerd is op de jeugdkampioen naar de Olympische Spelen in het Franse Albertville. De ploeg staat onder leiding van coach Viktor Tichonov.

Inderdaad, de grote Tichonov. Hij was de coach die CSKA Moskou en het nationale ijshockeyteam in de jaren zeventig en tachtig met ijzeren discipline en onmenselijke trainingseisen tot de ongenaakbare Rode Machine maakte. Tichonov geloofde in afzondering en discipline.

Miracle on Ice

Onder zijn bewind leefden de beste ijshockeyers van de Sovjet-Unie in een streng beveiligde trainingsfaciliteit in de bossen bij Moskou. Voor familie en vrienden was geen ruimte, iedere dag moest er getraind worden. Wie niet mee kon, viel af.

Onder Tichonov werd de Sovjet-Unie acht keer wereldkampioen en won het drie gouden olympische medailles. Alleen bij de Spelen van Lake Placid in 1980 ging het mis. Maar dat was dan ook een ‘Miracle on Ice’.

Nadat Michail Gorbatsjov in 1985 economische hervormingen (perestrojka) en openheid (glasnost) had afgekondigd, zag Tichonov zijn levenswerk voor zijn ogen afgebroken worden.

Vooral de rebellie van aanvoerder Vjatsjeslav Fetisov kwam hard aan. Fetisov eiste toestemming om in de NHL te mogen spelen en werd door de Russische autoriteiten gestraft. Maandenlang werd het brein van de Rode Machine verbannen van het ijs.

Maar met het WK van 1989 in aantocht had Tichonov hem weer nodig. En dus werd een compromis gesloten. Nog een keer zouden alle sterren meespelen, daarna moest de coach ze los laten.

Jaren later reageert hij stoïcijns. In de documentaire Red Army blikt Tichonov terug: “Er komt een tijd dat je protégés heel kritisch worden. En dan beginnen de problemen.”

Tichonov is een overlever; een die met zijn vingertoppen vasthoudt aan de oude wereld, terwijl die wereld om hem heen in elkaar stort.

Sinds de couppoging van augustus 1991 was de rol van de communistische partij in Moskou al zo goed als uitgespeeld. Voortaan zwaaide Boris Jeltsin er de scepter, maar het duurde nog tot het einde van het jaar voor Rusland onafhankelijk werd.

Dat leverde allerlei problemen op. Op 6 december hief het olympisch comité van de Sovjet-Unie zichzelf op, waarmee ook de geldkraan dichtgedraaid werd. En wie zou de plek van de Sovjet-Unie innemen bij de Olympische Spelen en het EK voetbal die in 1992 op de rol stonden?

Het compromis was deelname onder neutrale vlag.

Zonder geld, zonder sterspelers, zonder volkslied of vlag begint Tichonov aan de Olympische Spelen in Albertville.

Van zijn winnende team bij de Olympische Spelen van vier jaar eerder in Calgary zijn nog maar drie spelers over. De rest is vertrokken naar de prestigieuze Noord-Amerikaanse profcompetitie NHL of een profcompetitie in Europa.

En dus kan Tichonov niet anders dan vertrouwen op talenten. Zoals de topscorer van de Russen bij het WK onder 20, Aleksej Kovalev. Of de spijkerharde verdediger Darius Kasparaitis, al is die als Litouwer eigenlijk niet eens lid van het GOS, dat vreemde samenraapsel van twaalf republieken.

Geen favoriet

Een week voor het toernooi speelt Tichonov met zijn team een oefentoernooi in Zwitserland. Daar lijdt zijn ploeg een smadelijke nederlaag tegen de Zwitsers.

Voor het eerst gaat Tichonov naar de Spelen met een ploeg die niet als favoriet wordt gezien. Ten onrechte, zo blijkt. Zijn onervaren formatie verliest weliswaar van Tsjechoslowakije, maar van toplanden Canada (5-4), Finland (6-1) en de Verenigde Staten (5-2) wordt gewonnen.

En dus staat het GOS op de sluitingsdag van de Olympische Spelen gewoon in de finale. Daarin is Canada de tegenstander.

Twee periodes lang houden beide ploegen elkaar in evenwicht, maar in de derde periode slaan de Russen (die nog geen Russen genoemd mogen worden) toe.

‘Dit is emotie’

Als aanvoerder Vjatsjeslav Bykov, een van de drie trouwe soldaten van Tichonov die de lokroep van de NHL wel had weten te weerstaan, een minuut voor tijd de 3-1 binnen knalt, zucht Tichonov van opluchting.

Even later gaat hij op de schouders. Dat was in zijn omvangrijke en succesvolle carrière nog nooit vertoond.

“Kijk die Tichonov nou eens met zijn handen omhoog staan”, constateert NOS-commentator Hans Brian met verbazing in zijn stem. “Dit is emotie. Ieder woord is hierbij te veel.”

Terug naar het heden. Bij de Winterspelen van Pyeongchang staat opnieuw een Russisch ijshockeyteam in neutrale shirts, spelend onder een olympische vlag. Als het goud wordt binnengesleept zal niet de Russsische, maar de olympische hymne klinken.

Coach Oleg Znarok, die zelf eens door Tichonov werd opgeroepen voor een oefenstage, maar pas een vaste waarde werd in het ijshockeyteam van Letland, moet het wonder zien te realiseren.

Weigering van de NHL

De neutrale vlag is niet de enige overeenkomst met 1992. Net als Tichonov in 1992 kan Znarok niet beschikken over zijn beste spelers. Nikita Koetsjerov is op dit moment de meest waardevolle speler in de NHL. Zijn ploeggenoot bij Tampa Bay Lightning Andrej Vasilevski heeft als goalie de meeste overwinningen achter zijn naam.

Op de Noord-Amerikaanse topscorerslijst prijken drie Russische namen bovenaan: Koetsjerov is derde, Jevgeni Malkin is tweede en bovenaan staat de superster van het Russische ijshockey Alex Ovetsjkin.

Zij zijn er niet bij, net als al die Canadese, Amerikaanse, Zweedse, Finse en Tsjechische sterren uit de Noord-Amerikaanse competitie. Toch is de weigering van de NHL om voor het eerst sinds 1994 de competitie niet stil te leggen tijdens de Winterspelen in het voordeel van de Russen.

De deelnemende landen putten nu namelijk vooral uit de Kontinental Hockey League, een soort Champions League waaraan behalve de grote Russische clubs ook teams uit Finland, Tsjechië en zelfs China deelnemen. De KHL is na de NHL de sterkste en meest lucratieve competitie ter wereld.

En daar profiteren vooral de Russen van.

Net als Tichonov destijds vervult Znarok een dubbelrol: hij is zowel coach van SKA Sint-Petersburg als het Russische nationale team. En bij Sint-Petersburg heeft hij de beschikking over Pavel Datsjoek, in Detroit beter bekend als ‘The Magic Man’ en Ilja Kovaltsjoek.

Met de Red Wings won Datsjoek, 39 inmiddels, twee keer de Stanley Cup en afgelopen seizoen werd hij kampioen in de KHL. Hij verlengde zijn loopbaan om bij zijn vijfde Spelen eindelijk goud te kunnen winnen.

En dan is er nog die andere superster, Kovaltsjoek. Net als Datsjoek won de 34-jarige Kovaltsjoek in 2002 brons in Salt Lake City, de laatste ijshockeymedaille van de Russen.

Tichonov

Sowieso hoefde Znarok niet ver te zoeken om zijn selectie samen te stellen. Op Mozjakin en goalie Vasili Kosjetskin (beiden Metallurg Magnitogorsk) na spelen ze allemaal voor SKA Sint-Petersburg of CSKA Moskou.

Een opvallende naam ontbreekt in de selectie: Viktor Tichonov. Niet de coach, die kort na de door doping en afgang besmeurde Spelen in 2014 overleed. Nee, diens kleinzoon.

De jonge Tichonov speelde jaren in de NHL, maakte het echec van Sotsji mee en werd een paar maanden later topscorer bij het door Rusland gewonnen WK. Bovendien speelt Tichonov bij SKA Sint-Petersburg, de club van bondscoach Znarok.

Maar die nam hem dus niet mee naar Pyeongchang.

Geschiedenis herhaalt zich

De Russen kenden een valse start in Pyeongchang. Tegen Slowakije liet Znarok zijn drie grootste sterren (Datsjoek, Kovaltsjoek en Mozjakin) in de eerste lijn samen spelen. Daarmee werd Slowakije in de eerste vijftien minuten overklast, maar nadat de Slowaken uit het niets een doelpunt hadden gemaakt, zakte het team als een plumpudding in elkaar. De 3-2 nederlaag deed alle alarmbellen afgaan.

Znarok greep in en verdeelde zijn sterren over drie lijnen. Het werkte. Aan de hand van de fenomenale Kovaltsjoek en met energieke jonkies als Nikolai Prochorkin en Kirill Kaprizov werd eerst Slovenië (8-2) en daarna aartsrivaal Amerika (4-0) overklast.

Datzelfde Amerika zou in de halve finales zomaar weer de tegenstander kunnen zijn. En wie weet is Canada op de slotdag van de Spelen wel weer de tegenstander in de finale. Net als in 1992.

Want er is maar een medaille die alle schande en vernederingen van de afgelopen jaren kan uitwissen. Ook al is dat onder neutrale vlag.

Reacties zijn gesloten

Social Media Auto Publish Powered By : XYZScripts.com